Auteur: Vreemdganger
Datum: 3 december 2001


Het is gebeurd


We zouden samen eens een borreltje gaan drinken, Liesje, de vrouw van een collega, en ik. Ze had het zélf voorgesteld tijdens een receptie op de zaak toen we met elkaar in gesprek waren geraakt over onze kinderen. Net als ik was zij met één kind in een tweede huwelijk gestapt waarin al andere kind(eren) aanwezig waren en we wisselden ervaringen uit over dat gewenningsproces.

Die uitnodiging, ik dacht er later niet meer aan, tot ik haar vorige week dinsdag bij toeval aan de telefoon kreeg (haar man, die ik eigenlijk moest hebben, was er niet) en ze mij er zelf aan herinnerde. Het prikkelde me en ik zei dat ik haar erover terug zou bellen. Haar reactie schokte me. Letterlijk zei ze: laten we het wel tussen ons tweetjes houden, goed? Ik kon het haast niet geloven, maar was dit niet een bedekte uitnodiging? In een onderdeel van een seconde besloot ik het erop te wagen en zei: in dat geval kan ik je maar beter niet terugbellen en meteen een afspraak maken!

De andere dag nam ik ’s middags vrij en ging werkelijk met bonzend hart naar de plaats waar we hadden afgesproken: een cafeetje in een naburige plaats (ook dat versterkte het idee dat ze meer wilde weten dan alleen praten). Ze zag er nog aantrekkelijker uit dan ik me van de vorige keer kon herinneren, lichtjes opgemaakt maar o zo verleidelijk gekleed. Mijn eigen vrouw zie ik nog niet in zo’n strak leren rokje, maar bij haar paste het perfect. Ze kon wel tien jaar jonger zijn dan de half-40 die ze zou moeten zijn, en ik vroeg me zelfs even af of ze dat inderdaad niet was, maar moest die mogelijkheid toch weer laten varen, denkend aan haar voorgeschiedenis en de leeftijd van haar dochter, haar eerste kind, die net als mijn zoon al tegen de twintig liep.

We namen de draad op waar we maanden geleden gebleven waren, maar al gauw ging het gesprek over onze huwelijken in het algemeen. Goed, maar niet bijster opwindend meer, was ons beider conclusie. Ze bekende dat ze net als ik soms wel eens wat meer vuur in de relatie wilde en zo kwamen wel al gauw op vreemdgaan. Allebei hadden we dat in ons eerste huwelijk wél, maar in ons tweede nog nooit gedaan. We begrepen elkaar uitstekend en het was niet nodig nog meer aftastende bewegingen uit te voeren. Liesje vertelde met een zenuwachtig lachje dat ze ook al een plekje geregeld had: in het huis van haar zus, die zo vriendelijk was geweest haar de sleutel te geven en niet vóór vijf uur terug zou zijn.

De gordijnen van de slaapkamer waren al discreet gesloten toen we eraan kwamen, maar er kwam genoeg daglicht doorheen om visueel volledig aan mijn trekken te komen. Ze wilde dat ik mij eerst uitkleedde, terwijl ze zelf languit op het bed ging liggen. Het beeld staat in mijn geheugen gebrand: haar wijd geopende groene ogen, het puntje van haar tong dat langs haar lippen streek bij de onthulling van mijn stamper, maar ook de gloed die over haar heen trok toen ik op mijn knieën naast haar het bloesje ontknoopte, de wulpse tieten die tevoorschijn spátten, de golvende buik toen ik de sluiting van het rokje forceerde, de spieren die zich in haar dijen spanden op het moment dat haar slipje eerst een matje schaamhaar en toen de glinsterende toegang tot haar lichaam prijs gaf, de zucht waarmee ze me ontving, de kreuntjes die steeds luider uit haar opstegen, de armen die me óp haar persten, de benen die ze om me heen sloeg, het gelaat dat onder het geweld verwrong, de mond die openspleet, de koortsachtig gesteunde aanmoedigingen, de kréét van het komen, de jagende ademhaling toen ik verder ging, de geile woordjes die ze uitstootte, de schrééuw van haar tweede orgasme en uiteindelijk de ontlading, diép in haar binnenste. We streelden en liefkoosden en onderzochten en voelden en kusten. Ze kroop over me heen, met haar vorstelijke billen naar me toe en maakte me hard in haar mond terwijl ik haar binnenste proefde. Voor de tweede ronde ging ze op me zitten en we hielden dat heerlijk-gruwelijke wippen vol tot de wekkerradio onverbiddelijk aangaf dat het de hoogste tijd was om terug te keren naar onze nietsvermoedende wederhelften.

Ik heb haar sindsdien niet meer gezien of gesproken. Er is een kleine aardbeving door mijn leventje getrokken en ik vraag me af, nou ja….ik zie wel!

© Vreemdganger